zonderkunstenaarsgeenkunst

Just another WordPress.com weblog

Aan de Vaste Kamercommissie Kunst en Cultuur

leave a comment »

18 juni 2008

Betreft: reactie op het antwoord van minister Plasterk d.d 16 juni op de brief van het Platform ZonderKunstenaarsGeenKunst.

Beste leden van de Commisie Kunst en Cultuur,

Het Platform ZonderKunstenaarsGeenKunst heeft haar zorgen over het afkalvend subsidiebeleid kenbaar mogen maken in de Tweede Kamer op 20 maart. Dank u wel dat u hebt willen luisteren.

Inmiddels is er een reactie gekomen van minister Plasterk op onze brief, waarop wij graag willen reageren. Het is hoog tijd dat het geluid van kunstenaars wordt gehoord. Want in alle beleidsstukken, zowel van de overheid als van de Raad van Cultuur, gaat het uitsluitend over de financiering van instellingen. Kunstenaarsbeleid heeft plaats gemaakt voor kunstbeleid, en het geld verschuift van kunstenaars naar de instellingen.

Er is een omslag in het denken en in het beleid nodig, want kunstenaars zijn de boom waar de kunstwereld de vruchten van plukt! Het woord subsidiëren moet worden vervangen door ‘culturele meerwaarde scheppen’.

Wij zijn blij dat er aandacht is voor de betaling van kunstenaars in de vorm van hang- en stageld. Dat er gekeken wordt naar voorbeelden in het buitenland en dat er overleg is met het MondriaanFonds en het Fonds BKVB hoe dat in praktijk kan worden gebracht. Belangrijk is dat hier een richtlijn voor komt waarbij de door de overheid gefinancieerde instellingen/musea het voorbeeld moeten geven (vgl. de Arts Council Best Practice).

Maar dat is niet genoeg om de ernstige financiële teruggang voor kunstenaars te compenseren. Kunstenaars kunnen niet overleven op de markt. Dat hebben acht kunstenaars u op 20 maart persoonlijk verteld. Dat bewijst ook het onderzoek dat op last van Groen Links naar cultuurinvesterings- maatschappijen in het buitenland werd verricht. De conclusie is dat een investering in de creatieve industrie wel loont, maar in de beeldende kunst niet. Belangrijk is dat dit verschil tussen autonome kunst en creatieve industrie in het beleid wordt onderkend.

Autonome kunst die in vrijheid is gemaakt, biedt ons reflectie en dat is haar waarde. Dat is iets anders dan kunst in dienst stellen van het bedrijfsleven. De werkelijkheid is omgekeerd. Kunst is de inspiratiebron voor de creatieve industrie en levert veel economische spin-off. Maar zonder kunstenaars geen kunst!

Kunstenaars zijn pioniers, maar het onderzoek dat zij doen is te tijdrovend om lonend te zijn. Financiële ondersteuning is dus onmisbaar.

Het geven van indirecte steun is niet effectief. Dure marketingcursussen zoals door Kunstenaars&Co gegeven, werpen geen vrucht af. Je kunt je pr nog zo goed doen, maar dan nog is het vrijwel onmogelijk van je werk te leven, zoals hierboven beargumenteerd.

Het fundament voor een bloeiend kunstleven is het geven van directe financiële steun aan talentvolle kunstenaars, door de overheid èn betrokken burgers.

Mecenaat:

Het stimuleren van het mecenaat voor kunstenaars is belangrijk, want het betrekt de gever bij de ontwikkeling van een oeuvre, en dat gaat veel verder dan het kopen van kunst. Een nieuwe geldstroom kan gegeneerd worden met het Fonds de Mecenas voor Beeldend Kunstenaars. Het gaat om een publiek-privaat fonds dat beurzen aan kunstenaars verstrekt, zodat zij hun werk kunnen maken. Gezien de uitkomst van het onderzoek naar investeringsfondsen door Groen Links blijkt dat beeldende kunst geen winst genereert.

Het gaat dus om een fonds zonder winstoogmerk. Kunstenaars worden hiervoor geselecteerd door een commissie van experts. De mogelijkheid van educatie van de gevers behoort ook tot de taken van dit fonds. Net als samenwerking met musea om het werk van geselecteerde kandidaten aan het publiek te tonen. Voorbeeld is de John Simon Guggenheim Memorial Foundation, dat fellowships aan individuen verstrekt, zowel aan hooggekwalificeerde onderzoekers als aan talentvolle kunstenaars.  http://www.gf.org/

Dit kunstenaarsfonds vult een leemte op.

* Het Triodoscultuurfonds is een investeringsfonds met winstoogmerk voor kunstinstellingen.

* Het Prins Bernhardfonds is een donatiefonds dat zich richt op rechtspersonen, niet op individuele kunstenaars. Desgevraagd willen zij geen kunstenaarsfonds onder hun hoede nemen.

*Het Fonds BKVB is een overheidsfonds en niet gericht op het actief verwerven van privaatgeld. Bovendien is het belangrijk dat er meerdere geldstromen zijn voor kunstenaars, om een artistieke eenheidsworst te voorkomen.

Het voorstel is kansrijk:

De Triodosfoundation, onderdeel van de Triodosbank, heeft voorgesteld om dit KunstenaarsFonds te faciliteren, door hun site ter beschikking te stellen en borg te staan voor de financiële afwikkeling. Maar de overhead kunnen zij i.v.m. hun donatiebeleid, niet bekostigen. We hebben al contact met een fondsenwerver en een mogelijke donor. Maar er ontbreekt nog een schakel.

*De overheid kan hierbij bijdrage door een compacte organisatie te financieren (directeur, fondsenwerver, prmedewerker, secretaris, vacatiegeld, site, gebouw hoeft niet), zodat de fondsen voor 100% naar de kunstenaars gaan. Want privémecenassen willen iets extra’s doen, niet compenseren voor een terugtredende overheid… 

*Of anders een eenmalige aanloopsubsidie om dit fonds te ontwikkelen, te weten ……? 

*En/of gaat de overheid de giften verdubbelen (‘matching grants’)?

*Is het mogelijk om nog een onderzoek te laten verrichten naar soortgelijke Fondsen voor Kunstenaars?

Verder steunen wij het initiatief van Renée Steenbergen voor het Centrum Geef om Cultuur dat de ‘missing link’ moet zijn tussen het aanbod en de vraag. Het zwaartepunt ligt bij het begeleiden van de gevers, en dat is de toegevoegde waarde. Er is een enorm potentieel, zo bleek uit de onderzoeken van Steenbergen naar Nederlandse kunstliefhebbers en verzamelaars, waaronder het standaardwerk ‘De Nieuwe Mecenas’. Betrokken gevers willen graag willen doneren, maar missen de kennis en/of contacten in de kunstwereld. Het is belangrijk dit potentieel niet verloren te laten gaan en de gevers aan onder meer kunstenaars, projecten en kunstinstellingen te koppelen.

Om een groter draagvlak te creëeren en de burger te inspireren om financieel bij te dragen aan de non-profitsector, wil Steenbergen een nationale campagne ‘Nederland Geeft’ lanceren. Als voorbeeld dient de Britse campagne ‘Get Britain Giving’, die een golf van private steun te weeg bracht, ook voor de kunst en cultuursector. (www.givingcampaign.org).

Financiële steun van de overheid:

Door de optelsom van verschillende beleidsmaatregelen is juist deze inkomensbron vrijwel opgedroogd. Dat is een ramp! Het is belangrijk dat de Nederlandse regering achter zijn kunstenaars gaat staan. Net als andere landen. Zoals Groot-Britannië, waar naast vrijgevige mecenassen, de overheid via de instellingen meer dan een miljard uitgeeft aan kunst.

En het is een ernstige zaak dat in de brief van minister Plasterk niet wordt ingegaan op de cijfers die de afbraak van de subsidies voor kunstenaars illustreren.

*Het Fonds BKVB zal met 270 beurzen nog maar 8% van de 10.000 kunstenaars steunen. Breng dit terug naar 600 beurzen, het aantal van het vorige beleidsplan.

*De WWIK daalde van 40 miljoen euro in 2003 naar 25 miljoen euro in 2007. De WWIK moet worden verruimd tot een termijn van 10 jaar, de progressieve inkomenseis moet vervallen en de bijverdiengrens moet worden opgehoogd. 

*En de Geldstroom Beeldende Kunst en Vormgeving (16,7 miljoen) mag sinds 2005 niet meer direct aan kunstenaars worden uitgekeerd. En in de nieuwe Basisinfrastructuur  is de 13,5 miljoen die direct naar de steden gaat, is niet geoormerkt.

Het is schrijnend vast te stellen dat het totale budget voor Kunst, Cultuur en Erfgoed van

369,7 miljoen (in 2005) bedraagt en dat kunstenaars daarvan nu slechts 12 miljoen krijgen in de vorm van beurzen via het Fonds BKVB. En via Sociale Zaken nog 25 miljoen uit de WWIK, in totaal 37 miljoen.

De verhouding is zoek!!

Ons voorstel is om 5 miljoen van het budget van de Basisinfrastructuur te bestemmen voor de organisatie van het Fonds De Mecenas.

Tot slot over de gebrekkige vertegenwoordiging van kunstenaars: Uitgangspunt is dat de overheid directe belangenbehartiging niet financiert. Maar anders dan kunstinstellingen, die een deel van hun budget opzij kunnen leggen om hun belangenbehartiging aan Kunsten’92 over te laten, is de financiële positie van kunstenaars te zwak om dit zelf te bekostigen. En bovendien zijn de individueel gerichte kunstenaars slecht georganiseerd. Daardoor wordt hun stem niet gehoord.

Het simpelste zou een bijdrage zijn in de organisatie van het Platform ZonderKunstenaarsGeenKunst. Als vrijwilligerswerk is dit niet vol te houden.

Wij zijn blij met het herstel van de contacten met politiek en de overheid en we blijven graag in gesprek.

Met vriendelijke groet, Anne Berk 075-6846840

Advertenties

Written by zonderkunstenaarsgeenkunst

juni 25, 2008 bij 9:53 pm

Geplaatst in Uncategorized

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: